Guus en Sandra 3 maanden on the road - Openbaar vervoer, toetjes en bijzondere toiletten in Albanië

7 juni 2019 in Bestemmingen, Ervaringen, Albanië & Camperreisverhalen

Wat was het lekker gisteren. Zon, meer, zandstrand…
Vandaag: regen, meer, nat strand…

Er is één groot verschil met alle andere regendagen, de temperatuur 18 graden☺ Om geen vijf dagen binnen te zitten, draaien we de luifel uit. Wat een verschil, binnen of buiten zitten met regen. Op het grote veld van de camping hebben we een vrij gevoel. Onze overburen staan zeker 30 meter verderop. Als het helder is (nu dus even niet;) ), kijken we uit op het Shkodra meer. Vandaag niets speciaals op de planning. Wonder boven wonder is het een uur droog. Tijd om in actie te komen en te scatchen. We lijken wel een animatieteam. Campingmedewerkers en -gasten komen naar ons kijken. Het scatchen gaat met horten en stoten. Één scatchbord breekt al bij de eerste actie. Wat ductape (daar is ie weer;) ) erop en verder. De klittenbandlaag laat bij beide los. Regelmatig een reparatiepauze. Van de campingmedewerker krijgen we een nieuw scatchbord. Super lief, dat gooit en vangt toch iets makkelijker. Na een goede sportexercitie kleuren onze gezichten gezond rood. De regen ‘redt’ ons.

In de middag tijd om wat te lezen, dit blog te schrijven en voor de Formule 1. Eens kijken of we via een vpn-verbinding Verstappen kunnen aanmoedigen. Alles werkt goed mee. De wind steekt op, waardoor we nat worden onder onze overkapping. Creatief maken we met een fleecedeken een zijwand. Top, we zitten weer droog! Hup Max, gas erop!

Guus en Sandra in Albanië Tv kijken

Openbaar vervoer op maat

Na een heuse relaxdag nemen we vandaag de ‘bus’ naar Shkoder centrum. Hier rijdt geen streekvervoer. Kleine privé taxi busjes brengen je voor 50 Leki (0,40 euro) naar het centrum. Ga maar ergens langs de weg staan, steek je hand uit en ze pikken je op. Temperamentvol als de Albanezen zijn, is er een luidruchtig gesprek aan de gang. De chauffeur discussieert vrolijk mee. Het doet pijn aan onze oren, maar oh zo leuk. Geen bordje te bekennen met ‘Niet spreken met de bestuurder’;). Onderweg wordt er gestopt. Een vrouw met een grote tas stapt uit, loopt naar een man, geeft de tas af en ze stapt weer in. Dat is klantvriendelijk openbaar vervoer!

Van de ‘drukke’ taxi, zitten we direct in de drukke stad. Overal kleine en grote shops die hun halve inboedel op de stoep uitstallen. Van matrassen tot tabak. We komen ogen tekort. Onze oren zouden we af en toe willen uitschakelen. Ondertussen zoeken we het Museum of Memory. Als we daar komen, hebben we nog een goed uur voordat het om 14.30 uur sluit. We vragen hoeveel tijd we ongeveer nodig hebben. Helaas, de vrouw spreekt alleen Albanees. Dan komen we morgen terug.

Een vrouwtje breit en verkoopt sokken, de fietsenmaker repareert buiten op de stoep, oude(re) mannen spelen een bordspel… Het is een lekker ongeorganiseerd zooitje. Een dag met veel indrukken, die we rustig gaan verwerken op de camping. We scoren weer een 50 Leki bus.  Vanaf de doorgaande weg, waar we uitstappen, is het een aardige trippel over een zandpad. Typisch geval van jammer dat net nu alle sluizen los gaan. Met iedere stap die we zetten, zit onze broek verder onder de modder. Ach ja, het wordt vast een keer droog, maar voorlopig nog even niet;).

Guus en Sandra in Albanië

The Prison City

Een nieuwe dag, die nat begint. Of eigenlijk, het is niet meer droog geweest. Rustig ontbijten, nog een bakkie leut en op naar het Museum of Memory. Het geluk is met ons vanmorgen. Als we naar de hoofdweg lopen, voor de 50 Leki bus, is het droog. De bus komt snel. Eenmaal in het centrum, eerst naar het museum. Sinds september 2014 is het museum open. Voor slechts €1,20 entree per persoon, mogen we naar binnen. Wij hopen hier iets meer te weten te komen over het regime van Enver Hoxha. Eerst zien we algemene informatie over het communisme in Shkoder. De stad werd ‘The Prison City’ genoemd. Maar liefst 23 gevangenissen waren er. De meeste in gewone huizen of religieuze gebouwen gevestigd. Deze plekken werden stuk voor stuk gebruikt voor terreur en martelingen. De informatie die we zien is niet zoetsappig. Ruim 34.000 mensen waren politiek gevangenen. Meer dan 59.000 mensen zaten vast in kampen etc.  Het museum is mooi opgezet. Alles is duidelijk in het Engels omschreven. Uiteindelijk staan we op de drempel van de gang naar de originele cellen uit 1946. Een raar gevoel bekruipt ons. We bedenken ons even voordat we doorlopen. De gang en de cellen zijn angstaanjagend. Je voelt dat hier vanalles is gebeurd wat het daglicht niet kan verdragen. In verschillende cellen hangen verhalen op van overlevenden en van mensen die overleden zijn door alle martelingen. Dat is de laatste stap die wij kunnen zetten, de martelkamer. We kijken rond, maar houden het niet lang vol. Het voelt gruwelijk. Met ons bezoek aan het Museum of Memory, begrijpen we iets meer van de geschiedenis van het land. Tegelijkertijd snappen we er eigenlijk niets van.

Guus en Sandra in Albanië cellen

Watertrappelen

Als we buiten komen, schijnt de zon en zitten we direct volop in het dagelijkse stadsgedruis. Dat is wel lekker, na dit museum. We genieten van deze ‘rommelige’ stad. Guus gaat nog even op concurrentieonderzoek bij een van de vele automaterialenshops. Een visboer probeert zijn vis aan ons te slijten. Ze liggen op de grond en snakken naar adem. Om te laten zien dat ze echt vers zijn, pakt hij er een op en laat de vis vallen. De vis springt alle kanten op. Wij bedanken en nemen voor de laatste keer een 50 Leki bus naar de camping. Het veld op de camping watertrappelt. De campers die aankomen mogen het veld niet meer op. Ze kunnen ‘kamperen’ op de inrit. De campingmedewerkers leggen planken op het veld, zodat de campers die weg willen, niet het hele veld aan gort rijden. Voorlopig lijkt het niet te stoppen met regenen. Op goed geluk dat het veld het overleeft.

Guus en Sandra in Albanië Guus en Sandra in Albanië

Er zit een luchtje aan…

Voordat we op pad gingen, hebben we in de camper een rook- en koolmonoxidemelder gemonteerd. Veiligheid staat voorop. Een paar nachten worden we om 4.15 uur gewekt. Niet door een wekker, maar door het alarm van de koolmonoxidemelder. Het vreemde is, dat de melder overdag nooit afgaat. We googlen op het merk en het type. Eens kijken of we iets kunnen vinden. Blijkbaar kun je de koolmonoxidemelder beïnvloeden met bijvoorbeeld haarlak of deospray. Het advies is om de melder 24 uur in de buitenlucht te leggen, zodat die gereinigd kan worden. Zo gezegd, zo gedaan. En jawel, vanaf dat moment geen ongewenste wekker meer gehad. Bij deze, doe er je voordeel mee;).

Rijlessen

De regen hebben we getrotseerd, tijd voor meer Albanië. We zakken af naar Tirana. Langs de weg zien we de ene gomisteri na de andere. Een gomisteri is een bandenhandel, waar je ook heel veel ‘foute’ velgen kunt kopen. Tussen alle gomisteri’s zien we in allerlei vormen en maten lavahz, ofwel een autowasserette. Van een krakkemikkig gespannen doek, tot een geavanceerd wassysteem. De hele route zien we veel fietsers. Vaak bepakt en bezakt. Het is voor veel Albanezen het enige vervoermiddel. Het lijkt erop dat ze met de communie hun eerste fiets krijgen en daar nog op fietsen als ze zeventig zijn. Bij gebrek aan parkeerplekken, hangen ze de fiets aan de straatkant van de reling op de rotonde.

Hoe dichter we in de buurt komen van Tirana, hoe slechter de weg. Ook het verkeer wordt creatiever. Als je hier niet ‘vrek’ bent, sta je over een half uur nog op dezelfde plaats. Het crost van links naar rechts, neemt voorrang, snijdt af: kortom het is sensatie om hier te rijden. Waar we niet bij nagedacht hebben… het is vrijdagmiddag. Tja, dat krijg je als je vakantie hebt;) Tirana is vol en het duurt lang voordat we bij Baron op de camperplaats staan. Gaar van de tocht, wat een beleving. Of het waar is, weten we niet. Met de rijkunsten van de Albanezen vragen wij ons af: hebben ze een rijbewijs of hoe hebben ze het gehaald? Het doet de ronde dat de Albanezen het rijbewijs kopen. Gezien de rijstijl, geloven wij dit zomaar. Of het zo is...

Guus en Sandra in Albanië GomisiteriGuus en Sandra in Albanië FietserGuus en Sandra in Albanië Fietsenstalling

Nieuwe dag, nieuwe energie, nieuwe stad

Met de bus naar hartje stad. Tirana is de enige plaats in Albanië waar lijnbussen rijden. Voor 40 Leki stappen we hartje stad uit. Even oriënteren. We lopen naar het Skanderbegplein. Wow, dit is groot. Meer dan 40.000m²! Op het eerste gezicht vraag je je af waarom dit enorme plein alleen uit tegels bestaat. Geen groen te bekennen. Wel komt er vanuit alle windstreken een groene allee op uit. In het midden is het plein hoger. Als je goed kijkt zie je over het hele plein her en der spleten. Dit zijn fonteinen die met warme dagen het hele plein verkoelen. Noem het een openbaar zwembad. De tegels zijn allemaal verschillend en komen uit het hele land. Op deze manier vertegenwoordigt het plein, dat sinds 2 jaar klaar is, de hele bevolking van Albanië.

Guus en Sandra in Albanië plein

2½ uur bijkomen…

We lopen verder door de stad. Normaal hebben we snel in de gaten hoe een stad in elkaar zit. Tirana moeten we iets langer ontcijferen. Het weer is onbestendig. Tijd voor museum Bunk’art. Er zijn er twee in Tirana. Een in de stad zelf en een in de bergen van de stad. We stappen het ondergrondse bunkercomplex binnen. Dit is een van de 175.000 bunkers die in Albanië liggen. Gebouwd uit angst ze ooit nodig te hebben. Nooit gebruikt en onbetaalbaar om ze te ruimen. Als je in Tirana loopt, zie je de bunkers op verschillende plekken. De bunker die wij bezoeken, staat in verbinding met het Ministerie van Binnenlandse zaken. Het museum geeft een beeld van de politie, veiligheid en het ministerie van justitie ten tijde van het Hoxha regime. Deze bunker, gebouwd van ’81-’86, heet ‘Object Pillar’. Het bestaat uit 24 kamers, een appartement voor de Minister van Binnenlandse zaken en een speciale communicatiezaal. De laatste twee zijn nog precies zoals ze zijn achter gelaten. In de overige kamers vind je alle overige info. De info is heel veel en heftig. Ondanks dat we er vanalles over lezen en zien, blijft het onbegrijpelijk.

Na vele uren, lopen we naar buiten. Eerst afkicken. Het begint te onweren, maar is nog droog. We nemen de gok en gaan op een terras zitten. We zien wel of we moeten vluchten. Na een drankje besluiten we wat te eten… tijd voor de toetjeskaart. In plaats van de kaart zelf, krijgen we een bord fruit voorgezet. Ziet er goed uit, maar niet besteld. We krijgen ‘m van het huis en hij maakt nog een verrassingsbord met toetjes. Wat erg ;) Na 2 ½ uur zijn we eindelijk bij van Bunk’art. Klaar voor de stadswandeling met een local.

Guus en Sandra in Albanië

Bang voor reïncarnatie

Onze gids is goed gemutst. Vandaag scheen, sinds lang, de zon even. Als een Albanees een week geen zon heeft, wordt die chagrijnig (aldus local). Ruim 250 dagen per jaar schijnt hier de zon. Klinkt goed! De Ethem Bey moskee wordt gerestaureerd. We bekijken het tussen de bouwhekken door. Na verloop van tijd lopen we achterom bij een gebouw. Heel verrassend staan hier enorme standbeelden. Twee van Stalin, een van Lenin en een van Enver Hoxha. Het beeld van Enver Hoxha ziet pas twee jaar weer daglicht. Eerder ‘durfden’ ze hem niet te ontdoen van zijn ‘muts’, bang dat hij tot leven kwam. Dat merk je ook aan de bevolking. Deze geschiedenis is nog te jong, men wil er niet aan herinnerd worden. Het land was jaren afgesloten van de buitenwereld, op een paar landen als bondgenoot na. Eerst sloot Albanië de Sovjet-Unie buiten en daarna China. Alsof ze zonder konden. Mensen die het communisme volledig meegemaakt hebben, zeggen toch; vroeger was het beter. Vroeger was het land schoon. Tja, er was niets om weg te gooien, alles had men nodig. Het is lastig voor die generatie om echt om te schakelen. De vader van de gids kwam eerst een vrouw met een kort rokje tegen:  ‘Dat kan echt niet’! Daarna een vrouw met een hoofddoek: ‘Dat is toch waanzin!’ De gids vertelt: ‘Deze voorbeelden staan zover af van de tijd van het communisme, waardoor hij geen keuze kan maken’. We lopen verder, krijgen de nodige info en stoppen bij de piramide van Tirana. Het ligt er verlaten, gesloopt en lelijk bij. Oorspronkelijk werd dit een mausoleum voor Enver Hoxha. Zover is het nooit gekomen. Een cultureel centrum, nachtclub… allerlei functies heeft de piramide gehad. Nu is het toe aan een opknapbeurt. Ondanks de hekken die er omheen staan, klimmen mensen naar boven. Terug is een stuk lastiger;) Het idee voor de piramide ligt er. In de breedste zin van het woord: educatie op het gebied van techniek. Ze zoeken alleen nog een zak geld. Tja, dan kan het nog jaren duren in Albanië. Tot slot lopen we langs het woonhuis van Enver Hoxha. Het is nog volledig in tact, zoals hij daar woonde. Je kunt het niet bezoeken. Het ligt er en dat is het voor nu. Het is te gevoelig. De jonge generatie wil er graag een museum van maken, de oudere generatie wil er niets van weten.

Na twee uur komen we terug op het Skanderbegplein, waar het inmiddels gezellig druk is met locals. De schemering valt, de verlichting gaat aan en de carrousel draait. Wat een heerlijke sfeer in deze stad! Nog even genieten voordat we het voor gezien houden vandaag.

Guus en Sandra in Albanië BeeldenGuus en Sandra in Albanië piramideGuus en Sandra in Albanië

Een kloddertje roze hier…

We plakken er nog een dag Tirana aan. Stappen weer in de lokale bus, op naar het centrum. We lopen richting het park. De originele communistische bouw van Tirana is totaal kleurloos. Langzaam maar zeker beginnen ze gebouwen wat kleur te geven, zodat de bevolking er blij van wordt. De bevolking heeft zelf ook iets gevonden om een lach te creëren. Veel electrohuisjes zijn beschilderd, altijd aan twee zijden. Van I love Tirana tot de Simpsons, van Dali tot een wildvreemd varken. Het werkt, je wordt er vrolijk van. Waar wij ook blij van worden is dat er aandacht gevraagd wordt voor homo acceptatie. Een muzikale bijeenkomst, met veel dans en vrolijkheid. Goede zaak, als je het ons vraagt!

Guus en Sandra in Albanië Guus en Sandra in Albanië

In het park is het druk. Hele families genieten van het weekend. Het park is heuvelachtig, heeft een meer en is mooi aangelegd. Het is een geliefde plek voor de locals. Ze drinken graag koffie en dat is hier goed te zien. Soms vragen wij ons af waar mensen het van betalen. Het gemiddeld inkomen is 300-350 euro per maand. Dat is echt niet veel, ook niet voor Albanese begrippen. Voor een opleiding via de staat betalen ze €400 per jaar, voor een privé opleiding, die veel beter is, €1200 per jaar. Mensen die komen studeren in Tirana hebben het vaak zwaar. Het leven in de stad is duurder dan op het platteland. Water moet je hier kopen, buiten de stad, drink je het rechtstreeks vanuit de bergen. Het zijn heel simpele dingen, die het voor velen bijna onmogelijk maken om een goede studie te kunnen volgen.

Wij hebben hier vaak het gevoel dat we veel geld uitgeven. Honderden Leki’s. Maar ja, wat wil je 100 Leki = €0,80. Voordat we teruggaan naar de camper, doen ook wij een bakkie in het park. Nog ff een pipi. Dat is hier trouwens altijd een beleving. Soms is er geen deur, soms een deur die niet dicht kan, zelden is er een slot dat werkt en hier moet je een sleutel meenemen voor erop te komen. Met die sleutel draai je ook het slot open, als er iemand op zit. Dus… check;) Kortom; een toiletbezoek is nooit saai. En dan is het tijd voor de lokale bus en zeggen we: ‘Dankjewel Tirana!’ Je bent mooi op jouw manier en we komen over een aantal jaar graag terug!

Guus en Sandra in Albanië Tirana

Volgende keer: gaan we noord, oost, zuid of west?

Bekijk aanbod